menu

creër je account inloggen

Je RSZ-bijdragen: dit verandert in 2018

Het zat er aan te komen in de kamer van de minister van zelfstandigen en KMO’s Denis Ducarme: 2 nieuwe maatregelen betreffende de rsz-bijdragen die het leven van de zelfstandigen dit jaar nog zullen vergemakkelijken. Hier volgt de uitleg.

 

De Minister kondigde de toevoeging aan van 4 nieuwe drempels voor de vermindering van de voorlopige bijdragen. Deze maatregel laat zelfstandigen toe om beter hun sociale bijdragen aan te passen aan de huidige economische realiteit. Voor de beginnende zelfstandige is een verlaging van de ondergrens voorzien voor de bijdragen voor hun eerste jaar als zelfstandige. Deze maatregel zal de starters (of meer dan 10.000 zelfstandigen in hoofdtitel) toelaten om te profiteren van een verlaging van de bijdragen. Het kabinet zegt dat het voordeel kan oplopen tot 1340 € op jaarbasis.

«Het gaat over sociale maatregelen van betaalde bijdragen die beter overeenkomen met de realiteit van de zelfstandigen en die dus rechtvaardiger zijn, kondigde Denis Ducarme aan. Bovendien laat deze maatregel toe om de zelfstandigen die het soms tijdelijk moeilijk hebben meer zuurstof te geven door hun sociale bijdragen te verminderen wanneer het nodig is. »µ

 

De maatregelen in detail:

 

  1. 1. 4 Nieuwe drempels met korting voor de voorlopige bijdragen

Sinds 2015 zijn de sociale bijdragen voor zelfstandigen verschuldigd op basis van het inkomen van het lopende jaar. De zelfstandige kan dit vermeerderen of verminderen afhankelijk van zijn verwachtte inkomsten voor dat jaar.
Vanwege het aantal beperkte drempels (momenteel 2) heeft een deel van de zelfstandigen niet de mogelijkheid om de drempel naar beneden aan te passen in geval van een daling van het inkomen.

 

bijdragen_Koalaboox

 

  1. 2. Korting van de drempel op de bijdragen voor starters

Vandaag kan de zelfstandige die begint aan zijn activiteit als hoofdberoep aanspraak maken op een wettelijke trimestriële bijdrage van minimum 694 € zelfs als zijn jaarlijks inkomen minder is dan 13.550,50 €

Dit betekent dat de starter niet kan profiteren van deze korting van zijn voorlopige bijdragen – dat wil zeggen dat hij minimum 694 € per trimester moet betalen om recht te kunnen hebben op sociale zekerheid (geneeskundige verzorging, tegemoetkoming, overbruggingsrecht, pensioen,…). Op het moment van de regularisatie, twee jaar later, mogen de definitieve bijdragen niet minder zijn dan 694 € ( 13.550,50 €* 20.5% / vier kwartalen) zelfs als het referentie inkomen minder is dan 13.550,50 €.

 

Vanaf april 2018 (2e trimester 2018) zal de situatie evolueren :

 

  • – Aan de ene kant, kan de starter rechtstreeks profiteren van een verlaging van de voorlopige bijdrage zo lang hij kan aantonen dat zijn inkomsten aanzienlijk minder zullen zijn dan €13.550,50. De minimale referentieopbrengst is € 6.997,55. Hij kan dan een bijdrage betalen die geen 694 € bedraagt maar een korting op de bijdrage die kan oplopen tot 358,62 €.
  • – Aan de andere kant, kan de definitieve bijdrage op het moment van de regularisatie berekend worden op basis van zijn werkelijke inkomsten met een minimum bedrag vanaf 358,62 €
  • – Betreffende de rechten van de sociale zekerheid, blijft de volledig dekking behouden.

Volgens berekeningen van het kabinet kunnen ondernemers die pas beginnen met hun activiteiten tot 330 € voordeel doen per trimester.

 

De demografie van de zelfstandige ondernemers*

 

Volgens het nationaal overzicht van de KMO’s en zelfstandige ondernemers dat elke 2 jaren gepubliceerd wordt, is het aantal ondernemers aan het stijgen van 2007 tot 2015 van 817.491 tot 968.122.

De ondernemers zijn evengoed bestuurders (297.435, zijnde 30,7%) als fysieke personen (670.687, zijnde 69,3%).

66,94% van de ondernemers voeren hun activiteiten uit als hoofdberoep, 23,67% als bijberoep en 9,4% doet dit na de pensioengerechtigde leeftijd. Het is de leeftijd van de ondernemers uit de ’55-plussers’ groep, die de sterkste gemiddelde groei vanaf 2012 (22%) geregistreerd heeft.

En 2015, 94.824 personnes ont débuté leurs activités d’indépendant, soit une augmentation de 6,7% par rapport à l’année précédente. Dans le même temps, 44.850 ont mis fin à leur activité, soit une diminution de 11,2% par rapport à l’année précédente (2014).

In 2015 zijn 94.824 mensen begonnen met hun zelfstandige activiteiten, dat is een stijging van 6,7% ten opzichte van het voorgaande jaar. Op hetzelfde moment eindigde 44.850 zelfstandigen hun activiteit, zijnde een daling van 11,2 procent in vergelijking met het vorige jaar (2014).

*Cijfer van de laatste uitgave van de KMO’s en zelfstandige ondernemers van FOD economie, KMO, Middenstand en energie 2017.

 

Fotos : Koalaboox